LBT - foto

LBT Testing & Calibration

F.A.Q.


De kwikthermometer

De thermometer met kwikuitzetting is de moeilijkste in gebruik.
En toch: bij aankoop krijgt u geen handleiding mee.

Wist u bijvoorbeeld dat als er niets op de achterkant van de thermometer staat aangeduid, u te maken heeft met een volledige dompelthermometer die u tot aan de meniscus moet onderdompelen? Dit betekent dat de kwikkolom moet ondergedompeld zijn tot aan de afleestemperatuur.

Een kwikthermometer die niet op die manier en bij hoge temperaturen wordt gebruikt, kan fouten van meerdere graduaties geven.

In dat geval is een thermometer met gedeeltelijke onderdompeling aanbevolen. De dompeldiepte is dan bepaald en staat op de thermometer aangeduid. De gemiddelde temperatuur van de stijgende kolom staat vaak op de achterkant van de thermometer aangeduid (Faden-temperatuur). U controleert dan of de temperatuur van de stijgende kolom dicht aanleunt bij de aangeduide temperatuur. Dat is echter zelden het geval, zodat u met een
correctiefactor moet werken.

Het is aanbevolen de thermometer verticaal af te lezen met een vergrootglas. Zo voorkomt u een parallaxfout en kan u de precisie van de thermometer tot op een kwart van de graduatie aflezen.

Heeft u een hoge temperatuur gemeten, dan moet u de thermometer in verticale positie laten afkoelen. In het andere geval kan een simpele tik volstaan om de kwikkolom te breken. Een eenvoudige handeling kan dit probleem oplossen, als u ten minste al opmerkt dat de kolom gebroken is.

Bij thermometers met kwikuitzetting kunnen er ook luchtbellen in de kwikbol zitten. Ook kunnen kwikbellen in het expansievat (de bovenste bol) aanwezig zijn. Die kwikbellen worden veroorzaakt door de condensatie van kwikdamp.

Om die redenen is voor gebruik of kalibratie een grondig visueel onderzoek van de
thermometer vereist.

Terug naar FAQ


© 2018 - LBT Testing & Calibration

pb web concept